Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 18 augustus 2020 in de zaak tussen
[X] , wonende te [Z] , eiser,
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Eindhoven, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
€ 51.000
€ 25.000
Geschil12. In geschil is of het forfaitaire rendement over het inkomen in box 3 individueel leidt tot een buitensporige last. Daarbij is tevens in geschil of verweerder het bezwaar van eiser heeft mogen splitsen als een bezwaar inhoudende dat de vermogensrendementsheffing in strijd is met het Europese recht en een bezwaar inhoudende dat de vermogensrendementsheffing een individuele buitensporige last vormt voor eiser.
Is de vermogensrendementsheffing in het belastingjaar 2017, uitgaande van de forfaitaire elementen van het stelsel, in onderlinge samenhang en met inachtneming van het heffingsvrije vermogen en het belastingtarief van 30% op regelniveau in strijd met:
1. artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het Europees Verdrag tot bescherm van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna: EVRM), zonder dat de schending van de “fair balance” op het niveau van de individuele belastingplichtige wordt beoordeel; of
2. het discriminatieverbod van artikel 14 EVRM Pro?
“De aanwijzing van een nieuwe massaalbezwaarprocedure heeft tot gevolg dat bezwaarschriften die individueel en tijdig zijn ingediend en zien op de vermogensrendementsheffing over het belastingjaar 2017 vallen onder de massaalbezwaarprocedure, voor zover het bezwaar betrekking heeft op de in het aanwijzingsbesluit geformuleerde rechtsvraag. Deze bezwaren zullen collectief worden afgedaan binnen zes weken nadat de rechtsvraag onherroepelijk door de rechter is beantwoord.”
Individuele en buitensporige last
Verzoek van eiser tot het stellen prejudiciële vragen26. Eiser heeft verzocht om prejudiciële vragen te stellen aan de Hoge Raad voor het krijgen van duidelijkheid betreft de vraag of de Hoge Raad met de ‘14 juni arresten’ zijn rechtsvormende taak te buiten is gegaan.