ECLI:NL:RBNHO:2015:2231
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding advocaatkosten na beleidssepot mishandeling
Op 6 juli 2014 werd verzoeker aangehouden wegens verdenking van mishandeling. Na verhoor werd hij heengezonden. De advocaat van verzoeker vroeg op 9 juli 2014 om inzage in het strafdossier en om duidelijkheid over vervolging. Op 10 juli 2014 berichtte het Openbaar Ministerie dat de zaak was geseponeerd vanwege beleidsmatige overwegingen, namelijk dat verzoeker zelf door het delict of de gevolgen daarvan was getroffen.
Verzoeker vroeg vervolgens vergoeding van de advocaatkosten, zowel voor de strafzaak als voor het indienen van het verzoek tot vergoeding. De officier van justitie stelde primair dat het verzoek moest worden afgewezen vanwege het beleidssepot, omdat het OM de zaak als bewijsbaar beschouwde maar besloot niet te vervolgen. Subsidiair stelde het OM dat kosten na 10 juli 2014 niet vergoed konden worden, omdat de sepotbeslissing toen was genomen.
De rechtbank overwoog dat artikel 591a Sv ook van toepassing is bij sepotbeslissingen en dat vergoeding mogelijk is indien billijkheid dat verlangt. Echter, hier was sprake van een beleidssepot in een bewijsbare zaak, waarbij het OM afzag van vervolging na belangenafweging. De rechtbank vond dat billijkheid zich tegen vergoeding keerde. Ook waren de gevraagde kosten grotendeels gemaakt na de sepotmededeling. Daarom wees de rechtbank het verzoek af.
Uitkomst: Verzoek tot vergoeding van advocaatkosten na beleidssepot wordt afgewezen.