Uitspraak
1.[gedaagde sub 1] ,
[gedaagde sub 2],
[gedaagde sub 3],
[gedaagde sub 4],
1.De procedure
2.De zaak in het kort
De overige vorderingen in reconventie wijst de kantonrechter af.
3.De beoordeling
“Laatste woord”van [gedaagde c.s.] niet meegenomen bij de beoordeling. Voordracht daarvan heeft de kantonrechter op de mondelinge behandeling in strijd geacht met de beginselen van de goede procesorde. [gedaagde c.s.] heeft tijdens de mondelinge behandeling naar behoren de mogelijkheid geacht om naar voren te brengen wat zij belangrijk acht.
- [gedaagde sub 1] veroordeeld tot betaling van € 1.312,69 voor de maanden tot en met februari 2026. Tijdens de mondelinge behandeling is vastgesteld dat de huurovereenkomst tussen Jansdam en [gedaagde sub 1] op 28 februari 2026 is beëindigd. Meer huur is zij dus niet verschuldigd,
- [gedaagde sub 2] veroordeeld tot betaling van € 1.319,62 voor de maanden tot en met december 2025. Tijdens de mondelinge behandeling is vastgesteld dat de huurovereenkomst tussen Jansdam en [gedaagde sub 2] op 31 december 2025 wordt geacht te zijn beëindigd. Meer huur is zij dus niet verschuldigd,
- [gedaagde sub 4] veroordeeld tot betaling van € 2.430,82
[gedaagde c.s.] zou bestaan. Daarbij speelt een rol dat zoals hiervoor gezegd ook op Jansdam verplichtingen rusten en Jansdam niet precies genoeg duidelijk heeft gemaakt dat zij wél aan haar verplichtingen heeft voldaan.
“terugvordering huurcommissie uitspraak”(in totaal € 5.289,83) zo, dat [gedaagde c.s.] daarmee bedoelt dat zij te veel huur heeft betaald. Uit de overwegingen en beslissingen in conventie blijkt dat van teveel betaalde huur door [gedaagde c.s.] geen sprake is. Integendeel juist. De vordering van [gedaagde c.s.] op dit punt wordt daarom afgewezen.
omdatbrandblussers en brandmelders niet (goed) gefunctioneerd hebben. Zou dit wel het geval zijn geweest, dan zou volgens de huurders de brand snel geblust geweest zijn. Maar volgens Jansdam functioneerde de brandblussers en brandmelders prima. Genoemde huurders hebben vervolgens hun stelling op dit punt niet nader onderbouwd. Hun vordering op dit punt wordt daarom afgewezen.
“Advocaatkosten”,
“Tijd emails / bellen / regelen / verweer opzetten”, in totaal € 5.854,00. De kantonrechter houdt het ervoor dat deze kosten voor een deel buitengerechtelijke incassokosten zijn en voor het andere deel proceskosten.
4.De beslissing
- [gedaagde sub 1] tot betaling van € 1.312,69 aan huurachterstand,
- [gedaagde sub 2] tot betaling van € 1.319,62 aan huurachterstand,
- [gedaagde sub 4] tot betaling van:
en
en
- € 276,69 aan [gedaagde sub 1] ,
- € 276,69 aan [gedaagde sub 3] ,
- € 276,69 aan [gedaagde sub 4] ,