Stichting Protestants Christelijk Onderwijs heeft beroep ingesteld tegen het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) omdat het bestuursorgaan niet tijdig heeft beslist op een verzoek om herbeoordeling van een persoon.
De rechtbank stelt vast dat het UWV de ingebrekestelling heeft ontvangen en sindsdien de wettelijke termijn van twee weken is verstreken zonder besluit. Op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is het UWV verplicht een dwangsom te betalen voor de periode van 42 dagen dat het in gebreke is gebleven.
Hoewel het UWV de hoogte van de dwangsom niet formeel heeft vastgesteld, bepaalt de rechtbank deze op het maximale bedrag van €1.442,-. Verder wordt het UWV opgedragen binnen vier maanden alsnog een besluit te nemen, met een dwangsom van €100,- per dag bij overschrijding, tot een maximum van €15.000,-.
De rechtbank wijst ook proceskosten toe aan eiseres van €467,- en veroordeelt het UWV tot betaling van het griffierecht van €397,-. Het beroep wordt gegrond verklaard en het niet tijdig beslissen wordt vernietigd.