ECLI:NL:RBMNE:2026:2103
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beslistermijn overschreden bij bezwaar tegen UWV, dwangsom en proceskosten toegewezen
Eiser diende op 23 oktober 2024 een bezwaarschrift in bij het UWV. Verweerder heeft niet tijdig op dit bezwaar beslist, wat onomstreden is. De rechtbank stelt vast dat de ingebrekestelling op 30 juli 2025 is ontvangen en dat sindsdien de wettelijke termijn van twee weken is verstreken zonder besluit.
De rechtbank bepaalt dat verweerder alsnog binnen een termijn van twee maanden na verzending van deze uitspraak een besluit moet nemen. Gezien de omstandigheden, waaronder een tekort aan verzekeringsartsen, wordt een beslistermijn van vier maanden gehanteerd voor het nemen van het besluit. Voor elke dag dat deze termijn wordt overschreden, moet verweerder een dwangsom van € 100,- betalen, met een maximum van € 15.000,-.
Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot betaling van het griffierecht van € 54,- en een proceskostenvergoeding van € 467,- aan eiser, omdat eiser een professionele gemachtigde inschakelde. De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en verklaart het beroep gegrond.
Uitkomst: Het UWV moet binnen twee maanden alsnog beslissen op het bezwaar en betaalt een dwangsom en proceskosten aan eiser.