Op 30 januari 2026 heeft de Rechtbank Midden-Nederland uitspraak gedaan in de zaak tussen Stichting Pynarello en de raad van bestuur van het Nederlands Fonds voor Podiumkunsten. De rechtbank oordeelde dat het beroep van Pynarello gegrond is, omdat het advies van de adviescommissie niet op alle punten zorgvuldig en inzichtelijk was. Pynarello had een aanvraag ingediend voor een meerjarige productiesubsidie van € 485.000,-, maar deze was afgewezen op basis van een advies dat niet voldoende onderbouwd was. De rechtbank stelde vast dat het Fonds onvoldoende had gecommuniceerd over de beoordeling van de geografische spreiding, waarbij Amsterdam niet was meegeteld, wat niet vooraf was aangekondigd. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en droeg het Fonds op om binnen tien weken een nieuw besluit te nemen, waarbij het Fonds ook het griffierecht en proceskosten aan Pynarello moest vergoeden.