ECLI:NL:RBMNE:2026:1686
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beslistermijn overschreden bij bezwaar tegen UWV, rechtbank legt termijn en dwangsom op
Eiseres diende op 3 maart 2025 een bezwaarschrift in bij het UWV. Verweerder heeft niet tijdig op dit bezwaar beslist, wat onomstreden is en door verweerder zelf is erkend. De rechtbank stelt vast dat de ingebrekestelling op 29 september 2025 is ontvangen en dat sindsdien de wettelijke termijn van twee weken is verstreken zonder besluit.
De rechtbank bepaalt dat verweerder alsnog binnen een termijn van twee maanden na verzending van deze uitspraak een beslissing moet nemen. Deze termijn is gebaseerd op de omstandigheden, waaronder een tekort aan verzekeringsartsen, en sluit aan bij eerdere jurisprudentie. Voor elke dag dat verweerder de termijn overschrijdt, wordt een dwangsom van € 100,- opgelegd, met een maximum van € 15.000,-.
Daarnaast krijgt eiseres een vergoeding van € 467,- voor proceskosten, omdat zij een professionele gemachtigde inschakelde, en wordt het griffierecht van € 54,- aan haar vergoed. De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt verweerder op alsnog te beslissen binnen de gestelde termijn.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, legt een beslistermijn van twee maanden op en een dwangsom bij overschrijding, en veroordeelt het UWV tot betaling van proceskosten en griffierecht aan eiseres.