Uitspraak
RECHTBANK Midden-Nederland
1.De procedure
- de conclusie van antwoord met producties 1 en 2
- de mondelinge behandeling van 19 maart 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt
- de pleitnota van Best.
2.De kern van de zaak
3.De beoordeling
- Dat er meerdere keren uitgebreid en in alle rust met vader is gesproken, terwijl hij alleen was.
- Dat de diagnose Parkinson is genoemd, maar dat vader heeft gezegd dat hij geen last van zijn geheugen had.
- Dat vader stellig en consistent was.
- Dat het testament zorgvuldig tot stand is gekomen volgens richtlijnen.
- En dat de reden waarom vader zijn testament wilde wijzigen en waarom hij de grond wilde verkopen blijkt uit de betreffende stukken.
Verkoop bedrijfsterrein aan [B]
Meer opnames contant geld bij pinautomaat
Schenkingen aan [B] en [C]
Verkoop oldtimer
4.De beslissing
10 april 2026.