ECLI:NL:RBMNE:2025:6782
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Terugvordering van te veel betaalde WIA-voorschotten door het Uwv
In deze zaak beoordeelt de rechtbank of het Uwv terecht tot terugvordering van in 2023 aan eiseres te veel betaalde voorschotten op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA) is overgegaan. Eiseres, die sinds 15 juni 2015 een WIA-uitkering ontvangt en daarnaast als zelfstandige werkt, betwist de terugvordering van € 4.915,92 bruto. Zij stelt dat het Uwv het vrijgelaten inkomen had moeten indexeren en dat er dringende redenen zijn om van terugvordering af te zien. De rechtbank oordeelt dat het Uwv de te veel betaalde WIA-voorschotten terecht heeft teruggevorderd. Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen het primaire besluit van het Uwv, maar het Uwv heeft dit ongegrond verklaard. De rechtbank heeft de zaak behandeld op de zitting van 4 juni 2025, waar eiseres en haar gemachtigde aanwezig waren, evenals de gemachtigde van het Uwv. De rechtbank concludeert dat er geen dringende redenen zijn om van terugvordering af te zien, aangezien het voor eiseres duidelijk was dat de WIA-uitkering op voorschotbasis werd uitbetaald. De rechtbank wijst erop dat de terugvordering voortvloeit uit de definitieve vaststelling van de WIA-uitkering op basis van de gegevens van de Belastingdienst. Eiseres kan een verzoek indienen bij de Belastingdienst voor teruggave van teveel betaalde belasting. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst de verzoeken van eiseres af.