Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 23 oktober 2024 in de zaak tussen
[eiseres] , te [woonplaats] , eiseres
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Wat vindt de rechtbank?
Ingetrokken beroepsgronden
Uitkering op voorschotbasis: kenbaar?
nietwordt geïndexeerd staat niet in een wettelijke regeling. Er kan in dit geval dus niet met een toets aan het evenredigheidsbeginsel een wettelijke bepaling buiten toepassing worden gelaten. Eiseres vraagt daarmee om een aanvullende werking van de wettelijke regeling. Zij vraagt aan de rechtbank om met een toets aan het evenredigheidsbeginsel te bepalen dat ook voor het vrijgelaten inkomen er geïndexeerd moet worden. De rechtbank heeft begrip voor het standpunt van eiseres dat zij door het ontbreken van wettelijke bepalingen over de indexatie van het vrijgelaten inkomen feitelijk ieder jaar in haar inkomstenpositie achteruit gaat. Het is echter aan de wetgever om hierover keuzes te maken en de wettelijke regeling desgewenst aan te passen. De rechtbank kan hiervoor – toetsend aan het evenredigheidsbeginsel – dus geen voorziening treffen.
Conclusie
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit uitsluitend voor zover het betreft de vergoeding van de proceskosten van het bezwaar;
- bepaalt dat de rechtsgevolgen van het bestreden besluit in stand blijven;
- stelt de kostenvergoeding in bezwaar nader vast op € 2.388,-;
- veroordeelt het Uwv in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 1.750,-;
- bepaalt dat het Uwv het griffierecht van € 51,- aan eiseres moet vergoeden.