ECLI:NL:RBMNE:2025:5631
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen op verzoek herbeoordeling WIA
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) omdat dit bestuursorgaan niet tijdig heeft beslist op haar verzoek om herbeoordeling van haar WIA-uitkering. De aanvraag werd op 23 april 2025 ontvangen, waarna eiseres op 27 juni 2025 een ingebrekestelling stuurde. Omdat het UWV niet binnen twee weken na deze ingebrekestelling had beslist, stelde eiseres op 26 september 2025 beroep in bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelt dat het UWV inderdaad te laat is met beslissen en dat dit besluit alsnog binnen een redelijke termijn moet worden genomen. Gezien het tekort aan verzekeringsartsen en de omstandigheden stelt de rechtbank een beslistermijn van vier maanden vast, aansluitend bij eerdere jurisprudentie. Tevens legt de rechtbank een dwangsom op van € 100 per dag dat de termijn wordt overschreden, met een maximum van € 15.000.
Verder wordt het UWV veroordeeld tot betaling van het griffierecht van € 385,- en een proceskostenvergoeding van € 453,50 aan eiseres, waarbij rekening is gehouden met het inschakelen van een professionele gemachtigde en het beperkte onderwerp van het geschil. De uitspraak is gedaan door rechter R.C. Stijnen en griffier L. El Kabch op 23 oktober 2025 in Utrecht.
Uitkomst: Het UWV moet binnen vier maanden alsnog beslissen en betaalt een dwangsom en proceskosten aan eiseres.