Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 16 mei 2025 in de zaak tussen
[eiser 1] en [eiser 2] , uit [woonplaats] , eisers
de minister van Klimaat en Groene Groei, verweerder
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
2 februari 2018 [6] , waaruit volgens hen volgt dat bij een toename van de geluidsbelasting met 5 dB sprake is van gevolgen van enige betekenis. In de nachtperiode wordt juist meer hinder door de windturbines veroorzaakt.
€ 148.442,50 betekenen. Hoewel het TNO-rapport zich baseert op gemiddelden, is de discrepantie tussen deze gemiddelden en de taxatie van [adviesbureau] volgens eisers wel degelijk onbegrijpelijk hoog te noemen. De minister zou waarde moeten hechten aan het onafhankelijke rapport van TNO en had dit volgens eisers moeten meewegen in het bestreden besluit. Ook voeren eisers aan dat [adviesbureau] de vergelijkingsmethode hier niet had mogen toepassen, omdat hun woning niet vergelijkbaar is met de referentiepanden die [adviesbureau] bij het toepassen van de vergelijkingsmethode hanteert. De waarde van de referentiepanden is namelijk ook aangetast door het windpark.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
mr. N.K. Boer-de Bruin, griffiers.