Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 1 maart 2024 in de zaak tussen
[eiseres] , uit [plaats] , eiseres
Inleiding
7 april 2021 heeft de heffingsambtenaar het bezwaar van eiseres ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van de woning gehandhaafd.
Beoordeling door de rechtbank
een huurwaarde van € 7.800,- per jaar. In de taxatiematrix is het huurcijfer € 6.625,- per jaar. De eigen huurwaarde ligt dus hoger dan het huurcijfer dat is gehanteerd in de taxatiematrix. Verder is de kapitalisatiefactor hetzelfde als de kapitalisatiefactor van de kantoorvilla aan de [adres] . eiseres heeft dit niet onderbouwd weersproken. De rechtbank kan het standpunt van de taxateur van de heffingsambtenaar volgen. Er is daarom geen reden om aan te nemen dat de heffingsambtenaar de huurwaarde van het object te hoog heeft vastgesteld. De beroepsgrond slaagt niet.
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- veroordeelt de heffingsambtenaar tot het betalen van € 50,- aan schadevergoeding aan eiseres;
- veroordeelt de Staat tot het betalen van € 50,- aan schadevergoeding aan eiseres;
- veroordeelt de heffingsambtenaar tot betaling van € 109,38 aan proceskosten aan eiseres;
- veroordeelt de Staat tot betaling van € 109,38 aan proceskosten aan eiseres.