ECLI:NL:RBMNE:2021:6232
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing naturalisatieverzoek wegens ernstig vermoeden gevaar voor openbare orde
Eiser, een Syrische nationaliteit dragende zelfstandige, diende op 22 september 2020 een verzoek tot naturalisatie in. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees dit verzoek af op grond van artikel 9 RWN Pro vanwege ernstige vermoedens dat eiser een gevaar vormt voor de openbare orde. Dit was gebaseerd op een veroordeling voor een misdrijf en een openstaande strafzaak.
Eiser voerde aan dat de strafzaak later werd geseponeerd en dat de veroordeling een verkeersdelict betrof, wat volgens hem geen gevaar voor de openbare orde oplevert. Ook stelde hij dat zijn integratie en persoonlijke omstandigheden zwaarder hadden moeten wegen.
De rechtbank overwoog dat het beleid in de Handleiding RWN centraal staat, waarbij het gedrag in het heden en recente verleden bepalend is. De veroordeling en de openstaande strafzaak vormden een ernstig vermoeden van gevaar voor de openbare orde. Seponering van de strafzaak kan in beroep worden betrokken, maar in dit geval bood dat geen grond voor naturalisatie omdat de veroordeling bleef bestaan.
De rechtbank oordeelde dat de persoonlijke omstandigheden van eiser onvoldoende bijzonder waren om van het beleid af te wijken. De afwijzing van het naturalisatieverzoek werd bevestigd en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het naturalisatieverzoek wordt ongegrond verklaard vanwege ernstige vermoedens van gevaar voor de openbare orde.