Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
[eiser], uit [woonplaats], eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser werd op 28 mei 2021 door de politie geconstateerd met een gecorrigeerde snelheid van 117 km/u binnen de bebouwde kom, waar de maximumsnelheid 50 km/u is. Verweerder legde daarop een Educatieve Maatregel Gedrag en Verkeer (EMG) op, welke eiser betwistte door onder meer te stellen dat de snelheidslimiet ter plaatse onduidelijk was en dat de meetmethode onbetrouwbaar was.
De rechtbank oordeelde dat verweerder verplicht was de EMG op te leggen bij een snelheidsovertreding van 50 km/u of meer binnen de bebouwde kom en dat het proces-verbaal, op ambtsbelofte opgemaakt, als betrouwbaar mocht worden beschouwd. De aangevoerde bezwaren van eiser vormden geen concreet tegenbewijs.
De rechtbank stelde verder vast dat de EMG niet afhankelijk is van de strafrechtelijke procedure en dat het niet geven van cautie geen invloed heeft op de bestuursrechtelijke beslissing. Ook werd geoordeeld dat er geen sprake was van een uitzonderlijke situatie die toepassing van de regeling zou uitsluiten.
Het beroep werd ongegrond verklaard, het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen en het verzoek om schadevergoeding werd eveneens afgewezen. De beslissing tot ongeldigverklaring van het rijbewijs wegens niet tijdige betaling van de EMG-kosten werd in deze uitspraak niet beoordeeld.
Uitkomst: Het beroep tegen de oplegging van de EMG is ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen.