ECLI:NL:RBMNE:2019:5516
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing Wajonguitkering wegens ontbreken ziekte of gebrek op 18e verjaardag
Eiser diende een laattijdige aanvraag in voor een Wajonguitkering, waarbij teruggezien moest worden naar zijn medische situatie op zijn 18e verjaardag. Verweerder stelde op basis van medische rapporten dat er toen geen sprake was van ziekte of gebrek die arbeidsongeschiktheid veroorzaakte. Eiser betwistte dit en verzocht om een onafhankelijke verzekeringsarts vanwege vermeende onzorgvuldigheid en ongelijkheid in de procespositie.
De rechtbank oordeelde dat de verzekeringsartsen zorgvuldig hadden gehandeld door beschikbare medische dossiers te bestuderen en dat het niet verplicht was om aanvullende informatie bij de huidige behandelaar op te vragen. De bewijslast lag bij eiser, die niet had aangetoond dat hij informatie had opgevraagd en geweigerd gekregen.
Uit de medische gegevens bleek dat de eerste symptomen van de aandoening pas in 2007 ontstonden, ruim na de 18e verjaardag van eiser. De rechtbank vond geen reden om het medisch oordeel te betwisten of om een onafhankelijke verzekeringsarts aan te stellen. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om proceskosten werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de Wajonguitkering wordt ongegrond verklaard omdat niet is aangetoond dat eiser op zijn 18e verjaardag arbeidsongeschikt was.