Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 19 december 2014 in de zaak tussen
dr. [eiser], te Amersfoort, eiser
Procesverloop
Overwegingen
Bij het bestreden besluit III heeft verweerder het bezwaar van eiser gedeeltelijk gegrond verklaard en eiser een ‘nieuwe kans’ geboden om een (aangepast of nieuw) onderzoeksvoorstel in te dienen in de Veni-ronde 2015. Deze werkwijze is conform de vaste werkwijze die is neergelegd in de Richtlijn voor herbeoordeling van onderzoeksvoorstellen door NWO (de Richtlijn), die op 25 juni 2014 is vastgesteld door verweerder. Deze Richtlijn heeft verweerder bij het besluit gevoegd. Ten aanzien van deze Richtlijn overweegt de rechtbank dat deze gedateerd is van ná de tussenuitspraak en voor deze procedure daarmee geen relevantie heeft. Deze Richtlijn kan hooguit uitkomst bieden in toekomende gevallen en blijft om die reden buiten bespreking. Verder is door verweerder toegelicht dat de eerder voorgestelde herbeoordeling van eisers aanvraag met twee aanvragen uit dezelfde subsidieronde rond de honoreringsstreep door een ad hoc commissie in dit geval niet mogelijk is, omdat de verslaglegging van de interviews van de twee aanvragen uit de Veni-ronde 2012 waarmee de aanvraag van eiser zou moeten worden vergeleken, niet zodanig zijn dat door een ad hoc commissie een goede en eerlijke vergelijking kan worden gemaakt.
Beslissing
- verklaart het beroep voor zover gericht tegen het niet tijdig beslissen op het bezwaar niet- ontvankelijk;
- verklaart het beroep voor zover gericht tegen de bestreden besluiten I en II niet-ontvankelijk;
- verklaart het beroep voor zover gericht tegen het bestreden besluit III gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit III voor zover daarbij aan eiser een ‘nieuwe kans’ is geboden om een (aangepast of nieuw) onderzoeksvoorstel in te dienen in de Veni-ronde 2015;