Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
- het ontslag op staande voet te vernietigen, althans nietig te verklaren;
- [werkgever] te veroordelen tot betaling van het loon van augustus 2025, inclusief emolumenten en vermeerderd met 50% wettelijke verhoging en vermeerderd met de wettelijke rente;
- [werkgever] te veroordelen tot betaling van het loon van september 2025, inclusief emolumenten en vermeerderd met de wettelijke verhoging en vermeerderd met de wettelijke rente;
- [werkgever] te veroordelen tot betaling van het loon van oktober 2025, inclusief 8% vakantietoeslag, totdat de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig is geëindigd en vermeerderd met de wettelijke verhoging en vermeerderd met de wettelijke rente;
- [werkgever] te veroordelen om aan [werknemer] de loonstroken vanaf augustus 2025 tot het einde van het dienstverband te verstrekken.
- [werkgever] te veroordelen tot betaling van het loon van augustus 2025, inclusief emolumenten en vermeerderd met 50% wettelijke verhoging en vermeerderd met de wettelijke rente;
- [werkgever] te veroordelen om aan [werknemer] de loonstrook van augustus 2025 te verstrekken;
- [werkgever] te veroordelen tot betaling van de gefixeerde schadevergoeding van € 4.840,80 bruto, te vermeerderen met de wettelijke rente;
- [werkgever] te veroordelen tot betaling van de billijke vergoeding van € 9.681,60 bruto;
- te bepalen dat [werkgever] op grond van artikel 7:653 lid 4 BW Pro geen rechten kan ontlenen aan het non-concurrentie- en relatiebeding als bedoeld in artikel 11 van Pro de arbeidsovereenkomst.