ECLI:NL:RBLIM:2025:939
Rechtbank Limburg
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen sluiting woning wegens harddrugs
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de burgemeester om zijn woning voor drie maanden te sluiten vanwege de aanwezigheid van circa 49,4 gram cocaïne, weeg- en verpakkingsmateriaal en twee nepvuurwapens die geschikt zijn voor afdreiging. De burgemeester heeft het besluit genomen op basis van het Damocles-beleid dat sluiting voorschrijft bij constatering van handel in harddrugs.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de burgemeester bevoegd was tot het opleggen van de sluiting, omdat de aangetroffen hoeveelheid drugs ruim boven de grens voor eigen gebruik ligt en de aanwezigheid van handelgerelateerde attributen en wapens een ernstig geval vormen. Verzoekers betwisting van de hoeveelheid drugs en zijn stelling dat de goederen van een vriend waren, worden niet aannemelijk geacht.
De voorzieningenrechter acht de sluiting noodzakelijk ter bescherming van het woon- en leefklimaat en het herstel van de openbare orde. Hoewel verzoeker nadelige gevolgen en een bijzondere binding met de woning aanvoert, zijn deze niet voldoende onderbouwd om de sluiting onevenwichtig te achten. Verzoeker wordt geacht verantwoordelijkheid te dragen voor wat in zijn woning gebeurt. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de woning wordt afgewezen.