Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.HG BEHEER B.V.,
2.
LANDGOED LEUDAL VASTGOED B.V.,
1.De procedure
- de conclusie van antwoord
- de conclusie van repliek tevens eiswijziging
- de conclusie van dupliek.
Rechtbank Limburg
HG Beheer exploiteert een vakantiepark op percelen die zij sinds 2011 in erfpacht had van de gemeente Leudal. Na een eerdere procedure is de gemeente veroordeeld tot medewerking aan eigendomsoverdracht, die in juli 2023 heeft plaatsgevonden waarbij het erfpachtrecht is komen te vervallen.
Voorafgaand aan de overdracht stuurde de gemeente vier ingebrekestellingen aan HG Beheer wegens vermeende schendingen van de erfpachtovereenkomst en stelde zij boetes van € 1.200.000,-. HG Beheer startte daarop een procedure en vorderde onder meer verklaringen voor recht dat de gemeente misbruik had gemaakt van haar bevoegdheid, schadevergoeding en vergoeding van proceskosten.
De gemeente trok de ingebrekestellingen met terugwerkende kracht in en voerde verweer dat HG Beheer geen belang had bij de gevorderde verklaringen en dat zij geen boetes verschuldigd was. De rechtbank oordeelde dat HG Beheer onvoldoende belang had bij de verklaringen voor recht omdat de grondslag van de boetes was komen te vervallen en genoegdoening in deze zakelijke context onvoldoende is. Ook was de schade onvoldoende onderbouwd.
De rechtbank wees de vorderingen af, compenseerde de proceskosten tussen partijen en veroordeelde iedere partij tot het dragen van haar eigen kosten. De beslissing werd op 6 augustus 2025 uitgesproken door rechter R. Kluin.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van HG Beheer af wegens gebrek aan belang en onvoldoende onderbouwing van schade; proceskosten worden gecompenseerd.