Uitspraak
RECHTBANK limburg
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 19 juni 2024
in de zaak tussen
[eiser] en [eiseres] , te [woonplaats 1] , eisers
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.
Rechtbank Limburg
Eisers hebben een aanvraag ingediend voor tegemoetkoming in planschade als gevolg van het bestemmingsplan Grensmaas 2016, dat een perceel achter hun woning een bedrijfsbestemming gaf in plaats van een woonbestemming. Verweerder wees de aanvraag af wegens actieve risicoaanvaarding, omdat ten tijde van de aankoop van de woning in 2001 al ruimere bouwmogelijkheden voor bedrijfsbebouwing golden volgens het Uitbreidingsplan.
Eisers voerden aan dat zij mochten vertrouwen op een woonbestemming op grond van een voorontwerp bestemmingsplan en een voorbereidingsbesluit, en dat zij onjuist waren voorgelicht door een gemeenteambtenaar. De rechtbank oordeelde dat de voorzienbaarheid van de planologische verslechtering moet worden beoordeeld op het moment van aankoop en dat het feit dat er tijdelijk een voordeliger bestemmingsplan gold, hieraan niets afdoet.
De rechtbank bevestigde dat eisers als redelijk handelende kopers rekening moesten houden met de mogelijkheid van bedrijfsbebouwing op het perceel en dat de planschade daarom voor hun rekening komt. Het beroep werd ongegrond verklaard en een verzoek om vergoeding van immateriële schade wegens termijnoverschrijding werd buiten beschouwing gelaten vanwege te late indiening.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het verzoek om tegemoetkoming in planschade wordt ongegrond verklaard wegens actieve risicoaanvaarding.