Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
[naam verdachte]: En je doet het ook hé. Geen gezoek. Gezeik. Yo. Langzaam Ready?’
[naam verdachte]: Echt boos gemaakt, afspraak maken en verzetten en dan vervolgens thuis komen en niet nakomen en mij laten wachten. Dus ik maak er laatste poging van om te shinen jongen? Douche op de club doe je en bij mij ergens vanavond ik bij ben’
Ik: Ik douche vandaag niet op de club, thuis’
[naam verdachte]: Okay. Maar dan wat je zou doen voor je ging slapen en gewoon mij laat wachten voor niks… Doe je dat dan. En bij mij erna ergens komt wel goed kijken we eventjes’
Ik: Ja heb hele avond niet meer op m’n tel gezeten. Ik kijk op m’n telefoon in de ochtend en denk wtf is aan de hand waarom heeft hij zo vaak gebeld’
[naam verdachte]: Ja dat is geen excuus toch? Jij met mij wat afspreekt en wacht tot half 2 ofzo en ik zeg ja klopt maar was vergeten zat niet meer op telefoon.. toch ook niet echt leuk? Snap je toch wel hoop ik’. [7]
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf en/of de maatregel
7.De benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte tot
- bepaalt dat de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van een
- veroordeelt de verdachte tot een
vervangende hechteniszal worden toegepast van
60 dagen;
- wijst de vordering van de benadeelde partij
- veroordeelt de verdachte in de kosten door de benadeelde partij in het kader van deze procedure gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, begroot tot heden op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling aan de Staatten behoeve van het slachtoffer, [benadeelde partij 1] , van
€ 1.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode vanaf 30 september 2021 tot aan de dag van de volledige voldoening; - bepaalt dat, indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt,
- bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de staat in zoverre komt te vervallen;
- wijst de vordering van de benadeelde partij
- veroordeelt de verdachte in de kosten door de benadeelde partij in het kader van deze procedure gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, begroot tot heden op nihil;
- verklaart verzoekster voor het overige niet-ontvankelijk in haar vordering;
- legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling aan de Staatten behoeve van het slachtoffer, [benadeelde partij 2] , van
€ 1.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode vanaf 22 februari 2020 tot aan de dag van de volledige voldoening; - bepaalt dat, indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt,
- bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de staat in zoverre komt te vervallen.