Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
primair) dan wel heeft geprobeerd om [slachtoffer] opzettelijk van het leven te beroven (
subsidiair) dan wel heeft geprobeerd om met geweld een tas met inhoud te stelen (
meer subsidiair) dan wel opzettelijk zwaar lichamelijk letsel aan [slachtoffer] heeft toegebracht (
meer meer subsidiair) dan wel heeft geprobeerd om aan [slachtoffer] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen (
meest subsidiair).
3.De beoordeling van het bewijs
ripdeal’. Dit blijkt uit de camerabeelden en wordt door de Whatsapp-gesprekken van [naam 1] met het contact ‘ [naam 2] ’ ook als zodanig bevestigd. Voorts heeft een getuige het slachtoffer in het Marokkaans vlak na het gebeuren aan de telefoon horen zeggen dat hij bestolen was. Door tijdens een worsteling drie keren met een pistool te schieten en het slachtoffer daarbij twee keren te raken heeft de verdachte de aanmerkelijke kans aanvaard op fataal letsel bij het slachtoffer. De officier van justitie heeft aangevoerd dat er sprake was van diefstal, maar dat het zonder aangifte van de diefstal door het slachtoffer niet tot een bewezenverklaring van een poging tot gekwalificeerde doodslag kan komen, zodat de verdachte van het primair ten laste gelegde moet worden vrijgesproken.
hollowpoint’) kaliber .22 Lr van het merk CCI. Deze 3 ‘
hollowpoint’ kogels zijn aan de voorzijde voorzien van een holte in de punt. [5] De holle punten zorgen ervoor dat de kogels nog sneller kunnen vervormen en daardoor grotere schade aanrichten. [6] Naast de in het wapen aangetroffen huls, werden op de plaats delict nog twee hulzen aangetroffen. [7]
ripdeal’ heeft de verdachte een alternatief scenario geschetst. Dat alternatieve scenario komt er in de kern op neer dat de verdachte de partij wiet eerder die dag aan aangever “op de pof” aan aangever had geleverd en dat was afgesproken dat aangever de afgenomen partij wiet later die dag zou betalen. Daartoe hadden partijen een afspraak gemaakt op de parkeerplaats bij de KFC. Toen aangever kwam aanrijden stapte de verdachte als bijrijder in zijn auto, waarna tussen aangever en verdachte onenigheid ontstond over de kwaliteit van de wiet en de prijs daarvan. Aangever zou in de auto de partij wiet, die in een witte tas zat, aan de verdachte hebben (terug)gegeven en laten weten af te willen zien van de aankoop tegen het door de verdachte gewenste bedrag. De verdachte wilde vervolgens het voertuig van aangever verlaten met de aan hem toebehorende tas met wiet, waarna hij tijdens het verlaten van het voertuig uit het niets werd aangevallen door aangever.
ripdeal’ had plaatsgevonden, waarop [naam 1] een bevestigend antwoord gaf. De lezing die de verdachte heeft gegeven, vindt derhalve geen steun in de overige feiten en omstandigheden zoals die blijken uit het dossier en is naar het oordeel van de rechtbank niet aannemelijk geworden.
hollowpoint’ kogelpatronen die bestemd zijn om extra schade te veroorzaken, op zo’n korte afstand naar en in het lichaam van aangever te schieten, heeft de verdachte een aanmerkelijke kans op het intreden van fataal letsel bij aangever veroorzaakt. Het handelen van de verdachte is naar uiterlijke verschijningsvorm zodanig gericht geweest op het toebrengen van dodelijk letsel bij aangever, dat het niet anders kan dan dat de verdachte door op dergelijke wijze te handelen de aanmerkelijke kans op dit gevolg welbewust heeft aanvaard. De verdachte heeft met zijn handelen dus in ieder geval voorwaardelijk opzet gehad op het doden van [slachtoffer] .
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde en de verdachte
ripdeal’ door de verdachte gaat en is het dus juist de verdachte geweest die in deze situatie als de agressor heeft te gelden.
5.De straf
hollowpoint’ munitie doorgeladen vuurwapen, welke munitie bedoeld is om extra schade mee te veroorzaken, meegenomen en heeft die ook gebruikt toen hij tijdens het ontstane gevecht om de tas waarin de verdovende middelen zaten het onderspit delfde. Hij heeft drie keer met zijn vuurwapen geschoten en heeft het slachtoffer daarbij twee keren geraakt. Het is niet aan de verdachte te danken dat de afgevuurde kogels geen vitale organen hebben geraakt. Daarnaast heeft dit incident voor grote maatschappelijke onrust gezorgd, omdat het in de vroege avond op een overvolle parkeerplaats heeft plaatsgevonden, waar ook gezinnen met kinderen liepen. Hierdoor heeft de verdachte niet alleen het slachtoffer, maar ook omstanders in gevaar gebracht, omdat de kogels ook een ander dan het beoogde doelwit hadden kunnen raken. De rechtbank rekent de verdachte dit zwaar aan. Voorts zorgen ‘
ripdeals’, en het (doorgaans zware) geweld dat daarmee gepaard gaat, in hun algemeenheid ook voor gevoelens van onrust en onveiligheid in de maatschappij.
6.De benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
7.De vordering tot tenuitvoerlegging met parketnummer 03/178531-19
8.Het beslag
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde het strafbare feit oplevert zoals hierboven onder 4.3 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte tot een
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer]
- verklaart de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering;
- veroordeelt de verdachte in de kosten door de benadeelde partij in het kader van deze procedure gemaakt tot heden begroot op € 622,-;
- legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling aan de Staat ten behoeve van
- bepaalt dat, in zoverre de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat, daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij, daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen;
- 1 STK Vuurwapen (pistool), Walther Tph .22 Lr (goednummer PL2300-2020014268-1285131);
- 3 STK munitie (kogelpatronen), CCI ‘hollowpoint’ in het kaliber .22 Lr (goednummers PL2300-2020014268-1285153, PL2300-2020014268-1285159 en PL2300-2020014268-1289934).