ECLI:NL:RBLIM:2022:5646
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning maatwerkvoorziening individuele begeleiding met terugwerkende kracht en vergoeding schade wegens termijnoverschrijding
Eiseres heeft diverse maatwerkvoorzieningen op grond van de Wmo 2015 aangevraagd, waaronder individuele begeleiding, rolstoelaanpassingen en vervoersvoorzieningen. De rechtbank heeft een revalidatiearts als deskundige benoemd om de lichamelijke beperkingen van eiseres te onderzoeken. Het deskundigenrapport en de nadere reactie daarvan zijn door de rechtbank als betrouwbaar en overtuigend beoordeeld. De rechtbank volgt de conclusies van de deskundige dat eiseres niet volledig rolstoelafhankelijk is en dat de toegekende uren individuele begeleiding passend zijn.
Eiseres betwistte onder meer de ingangsdatum van de maatwerkvoorziening voor individuele begeleiding. De rechtbank oordeelt dat eiseres vanaf 5 juli 2018 recht had op een pgb voor individuele begeleiding, eerder dan de door verweerder toegekende datum van 1 april 2019. Daarom wordt het primaire besluit I deels herroepen en kent de rechtbank de maatwerkvoorziening toe met terugwerkende kracht tot 5 juli 2018.
Verder is vastgesteld dat de redelijke termijn voor de behandeling van het bezwaar en beroep in zaak ROE 19/1041 is overschreden. De rechtbank veroordeelt verweerder en de Staat tot vergoeding van immateriële schade wegens deze overschrijding. Het beroep in zaak ROE 20/1103 wordt ongegrond verklaard. De rechtbank veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres en draagt verweerder op het betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Eiseres krijgt met terugwerkende kracht een pgb voor individuele begeleiding toegekend en ontvangt vergoeding voor schade wegens overschrijding van de redelijke termijn.