ECLI:NL:RBLIM:2021:1826
Rechtbank Limburg
- Bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Beoordeling maatwerkvoorziening individuele begeleiding en keuzevrijheid pgb
Eiseres, een 69-jarige vrouw met COPD en beperkte zelfredzaamheid, ontving een persoonsgebonden budget (pgb) voor individuele begeleiding op grond van de Wmo 2015. Verweerder had aanvankelijk de maatwerkvoorziening toegekend voor de periode 1 mei 2019 tot 30 april 2020 met het doel de ondersteuning over te dragen aan de algemene voorziening MEE.
Na bezwaar werd dit besluit herroepen en de einddatum verlengd tot 30 april 2021, waarbij de doelen uit het eerdere besluit werden gehandhaafd. Eiseres was het niet eens met deze beperkte duur en wilde de ondersteuning via pgb ook na deze datum voortzetten, mede omdat zij ontevreden was over de algemene voorziening.
De rechtbank oordeelt dat verweerder, gelet op het geplande nader onderzoek naar de passende voorziening, het belang van een tijdelijke maatwerkvoorziening zwaarder mocht laten wegen dan het belang van eiseres om na deze periode niet opnieuw een aanvraag te hoeven doen. De onzekerheid over de situatie na 30 april 2021 is niet reden om de maatwerkvoorziening langer toe te kennen. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot toekenning van de maatwerkvoorziening tot 30 april 2021 wordt ongegrond verklaard.