Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De inhoud van de verzoekschriften
2.De procesgang
3.De beoordeling
- de verzoeker slechts voor de tenlastegelegde straatroof in voorlopige hechtenis heeft verbleven en hij van dit feit is vrijgesproken;
- de verzoeker voor de feiten 2 en 4 is veroordeeld, terwijl tussen de straatroof en feit 2 geen verband heeft bestaan en voor feit 4 geen voorlopige hechtenis is toegelaten;
- de verzoeker 57 dagen in voorarrest heeft doorgebracht;
- de verzoeker het zwaar heeft gehad tijdens zijn voorarrest, nu hij in detentie heeft verbleven tijdens de kerstdagen en met de jaarwisseling, terwijl bovendien zijn vriendin net zwanger was;
- het niet juist is als het openbaar ministerie door zijn keuze voor het aanbrengen van feiten kan voorkomen dat een gewezen verdachte recht heeft op schadevergoeding;
- in de jurisprudentie in toenemende mate sprake is van een toekenning van schadevergoeding, ook als sprake is van een veroordeling.
- de door hem in voorarrest doorgebrachte tijd respectievelijk
- de door hem gemaakte kosten van een raadsman.