ECLI:NL:RBLIM:2018:4102
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging omgevingsvergunning wijziging legpluimveehouderij in melkgeitenhouderij wegens ontbreken belanghebbende
De rechtbank Limburg behandelde het beroep van eiser tegen een omgevingsvergunning beperkte milieutoets (OBM) die was verleend voor de wijziging van een legpluimveehouderij in een melkgeitenhouderij. Eiser woont circa 850 meter van de inrichting en vreesde gezondheidsrisico's, met name besmetting met Q-koorts, vanwege zijn eerdere besmetting en de nabijheid van de geitenhouderij.
De rechtbank stelde vast dat de geuremissie binnen wettelijke normen blijft, de ammoniak- en fijnstofemissies afnemen en dat er geen relevante geur-, geluid- of stofhinder wordt ervaren door eiser. Op grond van jurisprudentie en wetgeving oordeelde de rechtbank dat eiser onvoldoende feitelijke gevolgen van enige betekenis ondervindt om als belanghebbende te worden aangemerkt.
Daarmee was het bezwaar van eiser ten onrechte ontvankelijk verklaard door verweerder. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en verklaarde het bezwaar van eiser niet-ontvankelijk. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. De uitspraak kan in hoger beroep worden aangevochten bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het bezwaar van eiser niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken belanghebbende.