Eiser kreeg een aanslag marktgelden opgelegd door de gemeente Sittard-Geleen, inclusief een tarief voor elektriciteitskosten dat werd doorberekend aan alle marktkooplieden, ongeacht hun daadwerkelijk elektriciteitsverbruik. Eiser gebruikte zelf geen elektriciteit en betwistte de redelijkheid van deze heffing.
De rechtbank stelde vast dat het tarief voor elektriciteitskosten collectief werd omgeslagen over alle exploitanten zonder onderscheid te maken tussen gebruikers en niet-gebruikers. Verweerder voerde aan dat individuele controle en uitsplitsing kostbaar zouden zijn en dat het huidige systeem kostenbesparend werkt.
De rechtbank oordeelde dat dit tariefsysteem leidt tot een onredelijke en willekeurige belastingheffing die niet door de wetgever is beoogd. De gemeente slaagde er niet in voldoende onderbouwde argumenten te geven ter rechtvaardiging van deze systematiek. Daarom werd het tarief voor elektriciteitskosten onverbindend verklaard en het bestreden besluit vernietigd.
Daarnaast werd het betaalde griffierecht aan eiser vergoed, terwijl proceskostenvergoedingen niet werden toegekend. De uitspraak kan binnen zes weken worden aangevochten bij het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch.