Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- de dagvaarding
- de op voorhand door PCPC toegezonden producties
- de pleitnota, tevens conclusie van antwoord van mr. Van den Bronk
- de mondelinge behandeling van 15 juni 2017.
2.De feiten
“(…) [eiser] heeft namelijk geen gehoor gegeven aan redelijke voorschriften ter controle van de ziekmelding, ondanks daartoe herhaaldelijk te zijn verzocht. Zowel van de zijde van cliënte als van de zijde van ArboNed is ruimschoots gelegenheid geboden om ook op afstand vanuit Polen nadere, controleerbare informatie te verstrekken rondom de mate van de arbeids(on)geschiktheid en gestelde reisbeperkingen. (…)”
3.Het geschil
4.De beoordeling
- griffierecht € 78,00
600,00(2 punten x tarief € 300,00)
5.De beslissing
- het achterstallig loon vermeerderd met emolumenten over de periode 11 oktober 2016 tot 8 november 2016, vermeerderd met de wettelijke verhoging ex artikel 7:625 BW Pro van 50%,
- het loon vermeerderd met emolumenten vanaf 8 november 2016, voor wat betreft de reeds verschenen termijnen deze te vermeerderen met de wettelijke verhoging ex artikel 7:625 BW Pro, te stellen op 25%,