ECLI:NL:RBHAA:2011:BR1518
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onherstelbare vormverzuimen bij insluitingsfouillering cocaïnezaak
Verdachte werd verdacht van handel in en bezit van cocaïne in de periode maart tot juli 2010 te Heemskerk en Beverwijk. Na zijn aanhouding werd hij in een ophoudkamer aan een insluitingsfouillering onderworpen waarbij verbalisanten zonder toestemming de broek en deels de onderbroek van verdachte naar beneden trokken. Hierdoor werd onrechtmatig onderzoek aan zijn lichaam verricht.
De rechtbank oordeelde dat deze handelingen buiten de bevoegdheden van de ambtsinstructie vielen en dat de vereiste toestemming van de hulpofficier van justitie ontbrak. Dit vormde een ernstig en onherstelbaar vormverzuim zoals bedoeld in artikel 359a Sv, waarbij het belang van bescherming van de lichamelijke integriteit van verdachte zwaarwegend is.
Als gevolg hiervan werd het bewijs bestaande uit de aangetroffen cocaïne en alle daaruit voortvloeiende bewijs uitgesloten. De rechtbank kon op basis van de overige stukken niet wettig en overtuigend vaststellen dat verdachte zich schuldig had gemaakt aan de ten laste gelegde feiten en sprak hem vrij. De in beslag genomen cocaïne werd onttrokken aan het verkeer, terwijl enkele telefoons werden teruggegeven of in bewaring gesteld.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onherstelbare vormverzuimen bij de insluitingsfouillering waardoor het bewijs werd uitgesloten.