ECLI:NL:RBGRO:2008:BD0507
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.W. van Weringh
- P.H.M. Smeets
- S. Tempel
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor kindermoord onder vrees voor ontdekking bevalling
Op 23 november 2007 heeft verdachte in Leens haar pasgeboren kind opzettelijk van het leven beroofd door verstikkend geweld uit te oefenen op de keel en hals. Verdachte handelde onder de werking van vrees voor de ontdekking van haar zwangerschap en bevalling, mede ingegeven door financiële problemen en persoonlijke omstandigheden.
De rechtbank baseert haar oordeel op verklaringen van verdachte, het obductieverslag waaruit blijkt dat het overlijden door verstikking door heftig omsnoerend geweld is veroorzaakt, en psychiatrische rapporten die een sterk verminderde toerekeningsvatbaarheid vaststellen. De verdediging voerde verminderd opzet en twijfel over de doodsoorzaak aan, maar dit werd verworpen.
De rechtbank kwalificeert het feit als kindermoord, een geprivilegieerde vorm van moord vanwege de bijzondere gemoedstoestand van de moeder. Verdachte wordt strafbaar geacht ondanks haar persoonlijkheidsstoornis en verminderd toerekeningsvatbaarheid. De opgelegde straf is 36 maanden gevangenisstraf, waarvan 18 maanden voorwaardelijk met reclasseringstoezicht en behandeling, en een proeftijd van 2 jaar.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 36 maanden gevangenisstraf, waarvan 18 maanden voorwaardelijk, wegens kindermoord gepleegd uit vrees voor ontdekking van haar bevalling.