Eisers, curator en betrokkenen bij een failliet bedrijf dat dieren verhuurde, zijn het niet eens met een last onder dwangsom opgelegd door het college van burgemeester en wethouders van West Maas en Waal wegens illegale verhuur van dieren vanaf hun percelen. De last onder dwangsom is opgelegd om de illegale verhuur te beëindigen.
De rechtbank beoordeelt of er sprake is van samenloop van herstelsancties, of de overtreding heeft plaatsgevonden en of eisers een geslaagd beroep kunnen doen op het vertrouwensbeginsel. Uit eerdere uitspraken blijkt dat eerdere dwangsommen waren uitgewerkt, zodat geen samenloop bestaat. Het college heeft aannemelijk gemaakt dat de dierenverhuur op 19 april 2023 vanaf de percelen heeft plaatsgevonden, ondanks betwisting door eisers.
Eisers stelden dat toezeggingen waren gedaan over legalisatie via een bestemmingsplanwijziging, maar de rechtbank oordeelt dat dit geen toezegging is waarop redelijkerwijs vertrouwd kon worden. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard, de last onder dwangsom blijft in stand en eisers krijgen geen proceskostenvergoeding.