ECLI:NL:RBGEL:2025:5881
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoeken tot beperking verwerking financiële gegevens op grond van AVG in FATCA-zaak
Eisers, geboren in de VS en daardoor Amerikaanse staatsburgers, verzochten de minister van Financiën om beperking van de verwerking van hun financiële gegevens die aan de Amerikaanse belastingdienst (IRS) worden verstrekt op grond van de FATCA en de Nederlandse intergouvernementele overeenkomst (NL IGA).
De minister wees deze verzoeken af, stellende dat de gegevensverstrekking berust op een wettelijke verplichting zoals bedoeld in artikel 6 lid 1 onder Pro c AVG. Eisers voerden aan dat er geen wettelijke grondslag is, dat de verwerking in strijd is met de AVG en het Europees Handvest, en dat het besluit onvoldoende is gemotiveerd.
De rechtbank oordeelde dat de NL IGA een bij wet goedgekeurd verdrag is dat een wettelijke grondslag vormt voor de verwerking. Eisers kunnen geen beroep doen op artikel 18 of Pro 21 AVG omdat de verwerking plaatsvindt op basis van een wettelijke verplichting en niet op grond van een taak van algemeen belang of gerechtvaardigd belang.
De rechtbank verwierp ook het beroep op een Belgische AP-uitspraak en stelde dat de beoordeling van de rechtmatigheid van de feitelijke gegevensverstrekking aan de civiele rechter is voorbehouden. De beroepen zijn ongegrond verklaard en eisers krijgen geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De beroepen van eisers tegen de verwerking van hun financiële gegevens op grond van de NL IGA en FATCA zijn ongegrond verklaard.