Uitspraak
RECHTBANK Gelderland
1.[eiseres sub 1] , en2. [eiser sub 2] ,
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 19 maart 2025,
- de pleitnota van [gedaagde] .
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Gelderland
In deze zaak stond een executiegeschil centraal tussen familieleden over het recht op een waardig afscheid van een overledene. Eisers, familie van de overledene, hadden de stiefdochter van de overledene geen toestemming gegeven om afscheid te nemen tijdens de condoleance en uitvaart. De stiefdochter startte een kort geding en kreeg mondeling gelijk: zij mocht met haar gezin afscheid nemen op een bepaald tijdstip en locatie, onder dreiging van een dwangsom van € 20.000 bij niet-naleving.
Tijdens het afgesproken moment was de kist gesloten, terwijl deze later bij de condoleance open was. De stiefdochter stelde dat hierdoor geen waardig afscheid mogelijk was en dat de dwangsom verbeurd was. Eisers betwistten dit en stelden dat zij voldaan hadden aan de veroordeling door toegang te verlenen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het doel van de veroordeling was dat de stiefdochter waardig afscheid kon nemen. Door de kist gesloten te houden tijdens het afgesproken moment, terwijl deze later open was, hadden eisers niet volledig voldaan aan de veroordeling. Omdat de uitvoeringstermijn was verstreken, was de dwangsom verbeurd en was de aangekondigde executie rechtmatig. De vorderingen van eisers om executie te voorkomen werden afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eisers af en bevestigt dat de dwangsom rechtmatig is verbeurd.