Belanghebbende, een producent en verkoper van e-bikes, voerde beroep tegen een naheffingsaanslag omzetbelasting over de jaren 2016-2018. De inspecteur had naheffingsaanslagen opgelegd wegens onjuiste toepassing van het verlaagde btw-tarief op de eerste servicebeurt die belanghebbende bij verkoop van e-bikes aanbiedt.
De rechtbank stelde vast dat de eerste servicebeurt binnen drie maanden na aflevering en onder 500 kilometer gratis wordt aangeboden en dat hiervoor geen vergoeding wordt bedongen. Hoewel op verkooporders en facturen een bedrag voor de eerste servicebeurt werd vermeld, werd dit bedrag direct gecompenseerd door een negatieve post, waardoor per saldo geen vergoeding werd ontvangen. Dit betekent dat alleen voor de levering van de e-bike omzetbelasting is verschuldigd tegen het normale tarief.
Belanghebbende kon niet aannemelijk maken dat zij een vergoeding voor de servicebeurt kon afdwingen. Het beroep op het vertrouwensbeginsel en de zegeltjesregeling faalde omdat de situatie niet vergelijkbaar was met de bedoelde gevallen. De naheffingsaanslag en belastingrente werden daarom terecht opgelegd. Wel kende de rechtbank een schadevergoeding van € 1.000 toe wegens overschrijding van de redelijke termijn in de beroepsfase en veroordeelde de Staat tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.