Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige belastingkamer van 27 september 2016
[X] B.V., te [Z] , eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Amsterdam, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
- of de crisisheffing mogelijk is op grond van de Wet LB;
- of de crisisheffing in strijd is met het gelijkheidsbeginsel als bedoeld in artikel 14 van Pro het Europese Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna: EVRM) en artikel 26 van Pro het Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (hierna: IVBPR);
- of de crisisheffing in strijd is met artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM (hierna: EP).
- dat het binnen eiseres gebruikelijk is om premies en/of bonussen uit te keren aan spelers en de technische staf en dat het recht daarop vóór aanvang van de seizoenen 2011/2012 en 2012/2013 is toegekend;
- dat de crisisheffing de liquiditeits- en solvabiliteitspositie van eiseres onder druk zet, met als gevolg dat ongeveer 35 mensen gedwongen zijn ontslagen, de spelerssalarissen met ongeveer € 6 tot 8 miljoen moesten worden teruggebracht en uitbreiding van het trainingscomplex is uitgesteld, hetgeen van invloed is op de kwaliteit van spelers en organisatie;
- dat eiseres mede door de crisisheffing in 2014 door de [H] is geplaatst in categorie 1, waarvoor de strengste toezichtvoorwaarden gelden, met als gevolg dat eiseres sterk beperkt werd in mogelijkheden om investeringen en uitgaven te doen;
- dat eiseres uitstel van betaling heeft gevraagd bij de ontvanger voor betaling van de crisisheffing.
Beslissing
- verklaart de beroepen ongegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar over 2013 voor wat de boetebeschikking betreft;
- vermindert de verzuimboete over het tijdvak 1 maart 2013 tot en met 31 maart 2013 tot € 4.674.
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;