Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 8 juli 2015;
- de akte van [eiser] ;
- de antwoordakte van de Gemeente;
- de pleidooien en de ter gelegenheid daarvan overgelegde pleitnota’s.
Rechtbank Gelderland
De projectontwikkelaar vorderde vergoeding van kosten gemaakt in verband met de voorgenomen ontwikkeling van het Asdonckgebied, nadat de gemeente de samenwerking stopzette. De rechtbank oordeelde dat er geen samenwerkingsovereenkomst tot stand was gekomen en dat de gemeente de onderhandelingen niet onrechtmatig had afgebroken.
De projectontwikkelaar voegde een eis toe voor vergoeding op grond van redelijkheid en billijkheid, maar deze eiswijziging werd niet toegestaan vanwege niet-naleving van procesregels. Hoewel de gemeente voordeel had gehad van de investeringen van de ontwikkelaar, was de gevorderde vergoeding niet toewijsbaar wegens onvoldoende specificatie van de interne en externe kosten.
De rechtbank overwoog dat de vorderingen niet toewijsbaar zijn op grond van de eerdere tussenvonnis en ook niet op grond van redelijkheid en billijkheid. De projectontwikkelaar werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van de projectontwikkelaar tot vergoeding van kosten worden afgewezen wegens onvoldoende specificatie en niet-toestaan van eiswijziging.