Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige belastingkamer van 4 juni 2015
[X] B.V., te [Z], eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, Landelijk Milieuteam Arnhem, verweerder.
Procesverloop
2 januari 2014 de naheffingsaanslag van 2009 gehandhaafd.
Overwegingen
Beoordeling van het geschil
Subsidiair stelt eiseres dat een infuuszak onder de exotenlijst van artikel 80, onderdeel a, sub 4, juncto artikel 32, derde lid, van de Uitvoeringsregeling valt. De daar vermelde injectiespuiten omvatten volgens eiseres mede infuuszakken. Verweerder stelt zich op het standpunt dat de exotenlijst een limitatieve lijst is. De rechtbank deelt de opvatting van eiseres niet. Naar spraakgebruik, uiterlijk en toepassingsfunctie is de rechtbank van oordeel dat een infuuszak niet hetzelfde is als een injectiespuit, ook niet als het een voorgevulde injectiespuit betreft. Blijkens de totstandkomingsgeschiedenis van de Wet is tevens afwijzend gereageerd op de wens om infuuszakken vrij te stellen van verpakkingenbelasting (
Kamerstukken II2008/2009, nr. 31 704, nr. 38, p. 4 en 5). Een infuuszak had ook volgens de opsteller van het wetsvoorstel voornamelijk een verpakkingsfunctie en het medische doel daarvan doet hieraan niet af. Uit de afzonderlijke bespreking in het wetgevingsproces volgt naar het oordeel van de rechtbank eveneens dat een infuuszak niet hetzelfde is als een injectiespuit. De rechtbank verwerpt dan ook de stelling van eiseres dat infuuszakken reeds op de exotenlijst zijn opgenomen onder de noemer injectiespuit.
Beslissing
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;