Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Epe, verweerder.
[derde-partij], vergunninghouder
Rechtbank Gelderland
De rechtbank Gelderland behandelde het beroep tegen het besluit van de gemeente Epe om een omgevingsvergunning te verlenen voor de bouw van vier zorgwoningen op het perceel Sint Antonieweg 4 te Epe. Het bouwplan wijkt af van het bestemmingsplan, onder meer door overschrijding van het bouwvlak, de bouwhoogte en het bebouwingspercentage. De vergunning is verleend op grond van artikel 2.12 Wabo, waarbij is getoetst aan een goede ruimtelijke ordening.
Eisers voerden meerdere bezwaren aan, waaronder het niet vooraf horen, de procedurele volgorde tussen afwijking en herziening bestemmingsplan, de noodzaak van een verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad, de oppervlakteberekening van het bouwwerk, en de inhoudelijke toetsing aan de structuurvisie, verkeers- en parkeereffecten, en geluidsnormen. De rechtbank oordeelde dat de procedure correct was gevolgd, dat geen rangorde bestaat tussen afwijking en herziening bestemmingsplan, en dat het raadsbesluit over de verklaring van geen bedenkingen verbindend is.
De rechtbank stelde dat de oppervlakte van het gebouw conform gangbare normen wordt berekend op basis van de begane grond, waardoor geen verklaring van geen bedenkingen vereist was. De ruimtelijke onderbouwing werd als voldoende beoordeeld, waarbij ook de belangenafweging van de gemeente terughoudend werd getoetst. Bezwaren over privacy, uitzicht, en welstandsadvies werden verworpen. Alternatieve locaties werden niet aannemelijk gemaakt. De beroepen werden ongegrond verklaard en de vergunning bevestigd.
Uitkomst: De beroepen tegen de omgevingsvergunning voor de bouw van zorgwoningen worden ongegrond verklaard en het besluit bevestigd.