ECLI:NL:RBGEL:2013:BZ7974
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.P.M. Kester
- L.B.M. Klein Tank
- M.P.C.J. van Bavel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek wegens onvoldoende aanwijzingen voor partijdigheid rechter
Verzoekster diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter die in eerdere zaken vonnissen had gewezen en een comparitie had geleid. Het verzoek was gebaseerd op de nevenfunctie van de rechter als docent bij het Centrum voor Postacademisch juridisch Onderwijs (CPO), dat formeel onder de Stichting Katholieke Universiteit Nijmegen (SKU) valt, een partij in de procedure.
De rechtbank oordeelde dat het wrakingsverzoek tijdig was ingediend, aangezien verzoekster pas na de comparitie en het weekend daarna bekend werd met de nevenfunctie via internet en overleg voerde alvorens het verzoek in te dienen. De rechtbank stelde dat er geen algemene onderzoeksplicht bestaat om nevenfuncties vooraf te kennen.
Inhoudelijk stelde de rechtbank vast dat de nevenfunctie van de rechter beperkt was tot enkele cursussen per jaar op basis van een overeenkomst van opdracht, zonder hiërarchische relatie of financiële afhankelijkheid van SKU. Dit leverde geen zwaarwegende aanwijzingen op voor partijdigheid. Ook het eerdere toegewezen wrakingsverzoek tegen dezelfde rechter in een andere zaak bood geen automatische grond voor wraking in deze zaak.
De rechtbank concludeerde dat er geen objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid bestond en dat de rechter niet partijdig had gehandeld. Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen, terwijl verzoekster ontvankelijk werd verklaard.
Uitkomst: Wrakingsverzoek afgewezen wegens ontbreken van objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid.