ECLI:NL:RBDOR:2009:BM0100
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.M.P.M. Weerdesteijn
- M.A.C. Prins
- J.P. Kruimel
- Rechtspraak.nl
Vermindering WOZ-waarde watertoren na beroep wegens onvoldoende bewijs gemeente
Eiser betwistte de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van zijn rijksmonumentale watertoren, die aanvankelijk was vastgesteld op €306.000. Verweerder stelde in het verweerschrift de waarde bij op €108.000, onderbouwd met een taxatierapport en vergelijkbare verkoopgegevens van een andere watertoren in de regio.
De rechtbank oordeelde dat verweerder niet aan de bewijslast had voldaan om de hogere waarde van €306.000 aannemelijk te maken. De lagere waarde van €108.000 werd voldoende onderbouwd met een taxatierapport en marktgegevens, waarbij ook rekening werd gehouden met de bestemming en gebruiksmogelijkheden van het object.
Eiser voerde aan dat de watertoren vanwege het monumentale karakter en beperkingen in gebruik vrijwel geen economische waarde heeft, maar kon dit niet met voldoende bewijs onderbouwen. De rechtbank wees het beroep op het arrest Nieuwe Kerk Amsterdam af en stelde dat de waarde niet nihil kon worden vastgesteld.
De rechtbank vernietigde de uitspraak op bezwaar, stelde de waarde vast op €108.000, en bepaalde dat de aanslagen OZB dienovereenkomstig worden verminderd. Tevens werd het betaalde griffierecht aan eiser vergoed. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de watertoren wordt verlaagd naar €108.000 en de aanslagen OZB worden dienovereenkomstig verminderd.