Uitspraak
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De inhoud van de vordering
3.De grondslag voor ontneming
4.De schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel
hij in de periode van 6 februari 2023 tot en met 16 april 2024 in Nederland,
tezamen en in vereniging met een ander,
opzettelijk en wederrechtelijk identificerende persoonsgegevens, niet zijnde biometrische persoonsgegevens,
van een ander, te weten NAW-gegevens en/of (een) paspoort(gegevens) en/of IBAN en/of pincodes van meerdere personen te weten:
heeft gebruikt door met behulp van meerdere voornoemde persoonsgegevens
hij in de periode van 6 februari 2023 tot en met 16 april 2024 in Nederland,
tezamen en in vereniging met een ander,
opzettelijk en wederrechtelijk
meermalen
in (een gedeelte van) een geautomatiseerd werk, te weten servers van de ING bank en andere banken met daarop de (beveiligde) internetbankieren omgeving van meerdere klanten van de ING bank en andere banken is binnengedrongen,
tezamen en in vereniging
de herkomst en de verplaatsing heeft verborgen en/of heeft verhuld, dan wel heeft verborgen en/of heeft verhuld wie de rechthebbende(n) op dat/die voorwerpen was/waren, en/of heeft verborgen en/of heeft verhuld wie dat/die voorwerpen voorhanden had(den) en
€ 26.887,15.
5.De vaststelling van de betalingsverplichting
6.Het toepasselijke wetsartikel
7.De beslissing
€ 26.887,15;
€ 26.887,15aan de Staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel;
268 dagen.