Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen van de minister op zijn aanvraag van 3 december 2024 voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor gezinshereniging nareis asiel. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn van 90 dagen, met verlenging tot maximaal 180 dagen, is overschreden en dat eiser de minister rechtsgeldig in gebreke heeft gesteld.
De minister heeft aangegeven de aanvraag naar verwachting in februari 2026 te behandelen, maar de rechtbank acht dit onvoldoende concreet en legt een beslistermijn van acht weken na verzending van de uitspraak op, met een mogelijke verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek. Tevens wordt een dwangsom van € 100,- per dag opgelegd met een maximum van € 15.000,-.
De rechtbank veroordeelt de minister tot betaling van de proceskosten van eiser, vastgesteld op € 467,-, en verleent vrijstelling van griffierecht. De uitspraak is gedaan door rechter G.P. Loman en griffier J.M. Pattynama op 2 april 2026.