ECLI:NL:RBDHA:2026:8942
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- N. Meesters – van Luijk
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende aannemelijkheid van vervolgingsgevaar door afvalligheid
Eiser, afkomstig uit Irak, heeft een asielaanvraag ingediend op grond van vrees voor vervolging vanwege zijn afvalligheid van de islam. Na eerdere vernietiging van een besluit door de rechtbank, wees de minister de aanvraag opnieuw af. Eiser stelde dat zijn afvalligheid een essentieel onderdeel van zijn identiteit is en dat hij risico loopt op ernstige schade bij terugkeer.
De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij zich in Nederland uit als afvallige of dat hij dit in Irak zou doen, en dat hij daardoor risico loopt op vervolging. De minister heeft het verzoek om een actualiserend gehoor niet hoeven honoreren omdat eiser dit niet concreet onderbouwde.
De rechtbank stelt dat de minister terecht heeft geoordeeld dat de uiting van afvalligheid niet essentieel is voor eiser en dat er geen gegronde vrees voor vervolging bestaat. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.