Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Indiase nationaliteit dragende persoon die rechtmatig verbleef in Oekraïne en vanwege de inval van Rusland tijdelijke bescherming kreeg in Nederland, stelde beroep in tegen een brief van de minister waarin werd meegedeeld dat een bevriezingsmaatregel zou eindigen per 4 september 2025.
De rechtbank beoordeelde ambtshalve of de brief een besluit in de zin van artikel 1:3 van Pro de Awb was. De brief bleek algemeen van aard en riep geen nieuwe juridische gevolgen in het leven voor eiser, zodat deze niet als besluit kon worden aangemerkt. Hierdoor was het beroep tegen deze brief niet ontvankelijk.
Eiser had tevens aangegeven dat het beroep zich ook richtte tegen een terugkeerbesluit van 28 januari 2026. De rechtbank oordeelde dat dit terugkeerbesluit niet bij het beroep betrokken kon worden omdat het beroep alleen betrekking kon hebben op een eerder bestreden besluit, en de brief geen besluit was.
De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door rechter M.L. Weerkamp op 2 april 2026.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de informatiebrief geen besluit is en het terugkeerbesluit niet in het beroep kan worden betrokken.