Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres], eiseres,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
€ 467 (vierhonderdzevenenzestig euro).
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis bij een referent. De rechtbank oordeelt dat verweerder niet binnen de wettelijke beslistermijn van 90 dagen heeft beslist en dat de verlenging met drie maanden niet heeft geleid tot een tijdig besluit.
De rechtbank stelt vast dat verweerder het fifo-principe hanteert, waardoor de aanvraag van eiseres pas in november 2026 in behandeling wordt genomen. De rechtbank acht dit een bijzonder geval en legt op grond van artikel 8:55d Awb een nadere beslistermijn van acht weken op, met de mogelijkheid tot twintig weken indien nader onderzoek wordt aangekondigd. Tevens wordt een dwangsom van € 100 per dag met een maximum van € 15.000 opgelegd.
De rechtbank wijst het verzoek van eiseres af om een bestuurlijke dwangsom over de periode vóór de uitspraak toe te kennen, omdat de wettelijke regeling dit uitsluit. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter E.F. Bethlehem en openbaar gemaakt op 31 maart 2026.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen, met een dwangsom van € 100 per dag bij overschrijding.