Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 31 maart 2026 in de zaak tussen
[eiser], v-nummer: [nummer], eiser
de minister van Asiel en Migratie
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
23 april 2025 geoordeeld dat de minister de facultatieve tijdelijke bescherming van derdelanders met een tijdelijke verblijfsvergunning in Oekraïne mocht beëindigen op
4 maart 2024. Uit die uitspraken volgt dus dat de facultatieve tijdelijke bescherming voor derdelanders eerder mag eindigen dan die van andere groepen en deze twee groepen ongelijk mogen worden behandeld. De beroepsgronden van eiser leiden niet tot een ander oordeel.
Conclusie en gevolgen
€ 934 en wegingsfactor 1 (gemiddeld).
Beslissing
S. Voolstra, griffier.