ECLI:NL:RBDHA:2026:7152
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing Woo-verzoek wegens onvoldoende precisering en onvoldoende hulp bestuursorgaan
Eiser verzocht op grond van de Wet open overheid (Woo) om openbaarmaking van alle communicatie tussen PVV-bewindspersonen, hun politieke assistenten en PVV-fractieleden vanaf 2 juli 2024 tot heden. Verweerder wees dit verzoek af met het argument dat het verzoek te algemeen was en dat het om partijpolitieke informatie zou gaan, waarop de Woo niet van toepassing is.
Eiser stelde dat de communicatie verband houdt met de publieke taak en dat verweerder onvoldoende heeft geholpen bij het preciseren van het verzoek. De rechtbank oordeelde dat het verzoek te algemeen was geformuleerd omdat geen specifieke aangelegenheid werd genoemd, waardoor het verzoek onbegrensd was. Verweerder had onvoldoende inspanningen verricht om het verzoek behandelbaar te maken door niet om precisering te vragen.
De rechtbank verwierp het standpunt van verweerder dat het verzoek uitsluitend partijpolitieke informatie betrof, omdat niet alle communicatie daartoe behoort. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat verweerder binnen 12 weken een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot afwijzing van het Woo-verzoek wordt vernietigd en verweerder moet binnen 12 weken een nieuw besluit nemen met inachtneming van deze uitspraak.