ECLI:NL:RBDHA:2026:5862
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen beëindiging tijdelijke bescherming derdelander Oekraïne ongegrond verklaard
Eiser, een Algerijnse nationaliteit dragende derdelander die tijdelijk bescherming genoot in Nederland na vlucht uit Oekraïne, stelde beroep in tegen het besluit van de minister om zijn tijdelijke bescherming te beëindigen en hem te verplichten terug te keren naar Algerije.
De rechtbank oordeelde dat de tijdelijke bescherming conform Europese richtlijnen beëindigd mocht worden en dat het terugkeerbesluit voldoet aan de Terugkeerrichtlijn. Eiser voerde aan dat hij niet terug kan vanwege een reëel risico op schending van artikel 3 EVRM Pro in Algerije, maar dit risico werd onvoldoende geconcretiseerd en onderbouwd.
De rechtbank vond dat eiser geen persoonlijke omstandigheden had gesteld die het non-refoulementbeginsel in de weg staan. Ook het ontbreken van een hoorplicht werd niet aangenomen omdat eiser de mogelijkheid had om te reageren. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het terugkeerbesluit bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.