ECLI:NL:RBDHA:2026:17131
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende motivering 15c-beoordeling Jemen
Eiser, een Jemenitische asielzoeker, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel. De minister wees deze aanvraag af wegens het ontbreken van een herkomstgebied in Jemen en het bestaan van veilige provincies als Al Mahra en Hadramaut. De rechtbank oordeelde dat de minister niet deugdelijk had gemotiveerd dat in deze provincies geen situatie zoals bedoeld in artikel 15c van de Kwalificatieverordening bestaat.
De minister baseerde zijn oordeel op een ambtsbericht waarin werd gesteld dat deze provincies gevrijwaard waren van gewapend conflict en dat de humanitaire situatie daar niet werd beïnvloed door oorlogshandelingen. De rechtbank stelde echter vast dat de minister onvoldoende rekening hield met de indirecte gevolgen van het conflict, zoals voedselvoorziening en humanitaire omstandigheden, die ook in deze provincies kunnen spelen.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en gaf de minister zes weken de tijd om een nieuw besluit te nemen, waarbij rekening moet worden gehouden met deze uitspraak. Tevens werd de minister veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser. De overige beroepsgronden werden niet behandeld vanwege het gegrond verklaren van het beroep op de motiveringsgrond.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit tot afwijzing van de asielaanvraag wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van de 15c-beoordeling.